Zodra je een afbeelding opslaat of exporteert, bepaalt het formaat rechtstreeks de bestandsgrootte, de beeldkwaliteit en of het geheel werkt op de plek waar de afbeelding terechtkomt. JPG, PNG en WebP zijn dan ook niet inwisselbaar: elk formaat comprimeert op zijn eigen manier, afgestemd op een ander soort afbeelding.
Wat compressie is, en waarom het uitmaakt
Comprimeren betekent het bestand van een afbeelding kleiner maken. Dat kan op twee manieren:
- Zonder verlies (lossless): het bestand wordt kleiner, maar alle oorspronkelijke gegevens blijven bewaard. Uitgepakt is de afbeelding identiek aan het origineel.
- Met verlies (lossy): het bestand wordt flink kleiner, maar een deel van de gegevens verdwijnt definitief. Hoe sterker je comprimeert, hoe meer kwaliteit je inlevert.
JPG comprimeert met verlies, PNG zonder verlies en WebP kan allebei. Dat onderscheid is de sleutel tot de vraag wanneer je welk formaat pakt.
JPG (of JPEG): het formaat voor foto's
JPG bestaat sinds 1992 en is nog altijd het formaat waarin de meeste foto's rondgaan. De reden is simpel: compressie met verlies werkt uitzonderlijk goed bij beelden vol geleidelijke kleurovergangen, schaduwen en texturen, en dat is precies wat een foto is.
Hoe het werkt
Het JPG-algoritme verdeelt de afbeelding in blokken van 8×8 pixels en gooit hoogfrequente informatie weg: fijne details die het oog in vloeiende kleurovergangen toch nauwelijks opmerkt. Dat scheelt enorm in bestandsgrootte, terwijl je er weinig van ziet.
Wanneer je JPG kiest
- Foto's in het algemeen: producten, mensen, landschappen, interieurs
- Afbeeldingen voor sociale media (Instagram, Facebook, LinkedIn)
- Videothumbnails op YouTube
- Elke afbeelding waarbij een licht bestand voorop staat en transparantie geen rol speelt
Waar JPG tekortschiet
- Geen transparantie. De achtergrond is altijd dichtgevuld, standaard wit.
- Elke keer opslaan kost kwaliteit. Een al gecomprimeerde JPG opnieuw exporteren stapelt de achteruitgang op, generatie na generatie.
- Slecht voor tekst en scherpe randen. Waar kleuren abrupt omslaan, zoals tekst op een egale achtergrond, verschijnen zichtbare artefacten: dat blokkerige waas rond de letters.
💡 Vuistregel: is het een foto zonder transparante achtergrond, kies dan JPG. Zit er tekst, een logo, een icoon of transparantie in, kies dan PNG of WebP.
PNG: het formaat voor graphics en transparantie
PNG (Portable Network Graphics) verscheen in 1996 als opvolger van de GIF, met meer kleuren en betere compressie. Het comprimeert zonder verlies, dus wat je als PNG opslaat is altijd identiek aan het origineel: geen artefacten, geen achteruitgang.
Hoe het werkt
PNG pakt de beeldgegevens omkeerbaar in, zoals een zipbestand. Er gaat niets verloren. Daarom is een PNG doorgaans zwaarder dan dezelfde afbeelding als JPG, maar de kwaliteit is dan ook onaantastbaar.
Wanneer je PNG kiest
- Logo's, iconen en illustraties met een transparante achtergrond
- Schermafbeeldingen waarin de tekst leesbaar moet blijven
- Afbeeldingen met egale kleurvlakken en scherpe randen
- Bestanden die je nog vaker bewerkt en exporteert (zonder opstapelend verlies)
- Favicons en interface-elementen
Waar PNG tekortschiet
- Veel te zwaar voor foto's. Een foto als PNG kan 5 tot 10 keer groter zijn dan dezelfde foto als JPG, zonder dat je er iets voor terugkrijgt.
- Minder geschikt bij veel fotografische kleurverlopen. Compressie zonder verlies bewaart alles, ook informatie die niemand zou missen.
Zet gratis om tussen PNG, JPG en WebP
Upload je afbeelding en kies het uitvoerformaat. Directe voorvertoning, zonder account en zonder watermerk.
Nu je afbeelding converterenWebP: het moderne webformaat
WebP komt van Google en verscheen in 2010, met als doel efficiënter te zijn dan JPG en PNG op het web. Het kan comprimeren met én zonder verlies en beheerst transparantie, en verenigt zo de sterke punten van beide oudere formaten in één lichter bestand.
Hoe het werkt
WebP leunt op geavanceerde compressietechnieken uit de videocodec VP8. In de lossy modus levert dat bestanden op die ongeveer 25–35% lichter zijn dan JPG bij gelijke beeldkwaliteit; in de lossless modus zo'n 20–30% lichter dan PNG. Daarnaast ondersteunt het een alfakanaal (transparantie) en zelfs animatie.
Wanneer je WebP kiest
- Afbeeldingen voor websites en webapps: geen formaat laadt sneller
- Als vervanger van JPG bij productfoto's in webshops
- Als vervanger van PNG bij logo's en iconen met transparantie
- Elke situatie waarin snelheid en prestaties voorop staan
Waar WebP tekortschiet
- Ondersteuning: in 2026 vrijwel overal, van Chrome, Firefox, Safari en Edge tot de grote besturingssystemen. Toch weigeren sommige oudere bewerkingsprogramma's en specifieke platforms WebP nog steeds.
- YouTube accepteert geen WebP als thumbnail. Upload je miniatuur dus als JPG of PNG.
- Sommige sociale netwerken zetten WebP bij het uploaden terug naar JPG, waardoor je een deel van de winst kwijtraakt.
PNG, JPG en WebP volledig vergeleken
| Kenmerk | JPG | PNG | WebP |
|---|---|---|---|
| Soort compressie | Met verlies | Zonder verlies | Allebei |
| Transparantie (alfakanaal) | Nee | Ja | Ja |
| Bestandsgrootte | Klein | Groot | Zeer klein |
| Ideaal voor foto's | ✅ Ja | ❌ Niet efficiënt | ✅ Ja |
| Ideaal voor logo's en iconen | ❌ Nee | ✅ Ja | ✅ Ja |
| Ondersteuning voor animatie | Nee | Nee (gebruik GIF of APNG) | Ja |
| Universele ondersteuning | ✅ Volledig | ✅ Volledig | ✅ Bijna volledig (2026) |
| Verlies bij opnieuw exporteren | Stapelt op | Geen | Stapelt op (lossy modus) |
Welk formaat in welke situatie
Voor websites en webshops
Neem WebP als standaard voor al je afbeeldingen. De snelheidswinst is echt: pagina's laden vlotter, je PageSpeed-score gaat omhoog en het beeld is even mooi of mooier dan JPG of PNG, in een lichter bestand. Houd wel JPG- of PNG-versies achter de hand als terugvaloptie.
Voor productfoto's in een webshop
Kies WebP als je systeem het aankan. Zo niet, dan JPG op 80–85% kwaliteit: die marge geeft de beste balans tussen gewicht en kwaliteit. Sla productfoto's nooit op als PNG, want dan krijg je een loodzwaar bestand zonder zichtbare winst.
Voor logo's en huisstijl
Kies PNG als het overal moet werken: presentaties, Word-documenten, oudere systemen. Kies WebP als het logo alleen op het web belandt. Gebruik nooit JPG voor een logo, want de opgedrongen witte achtergrond en de artefacten langs de randen verpesten de hele uitstraling.
Voor sociale media
Gebruik JPG voor foto's op Instagram, Facebook en LinkedIn. Die platforms comprimeren toch alles opnieuw, en met een goed gecomprimeerde JPG houd je meer grip op het eindresultaat. Voor stories en posts met tekst of grafische elementen houdt PNG de tekst scherper tot het platform er zelf overheen gaat.
Voor een YouTube-thumbnail
Kies JPG (de aanbeveling van YouTube) of PNG. WebP wordt hier niet geaccepteerd. De limiet is 2 MB, dus loop je daaroverheen, gebruik dan Comprimeren voordat je uploadt.
Voor schermafbeeldingen
Altijd PNG. Schermafbeeldingen zitten vol tekst, interface-elementen en scherpe randen, precies waar JPG het slechtst mee omgaat. Sla je zo'n beeld als JPG op, dan zie je meteen artefacten rond de letters.
Voor favicons
Kies PNG in meerdere maten (16×16, 32×32 en 180×180 voor Apple Touch) of het formaat .ico als ook oude browsers mee moeten kunnen. De Favicon Generator van ImageTools maakt automatisch alle benodigde maten uit één afbeelding.
🚀 Voor websites in 2026: gebruik WebP voor al je afbeeldingen. Moeten heel oude browsers ook mee, bied dan een JPG of PNG als terugvaloptie aan via de HTML-tag <picture>.
Gratis omzetten tussen formaten
Met Converteren van ImageTools ga je heen en weer tussen PNG, JPG, WebP en BMP, gewoon in je browser: niets gaat naar een externe server, je hebt geen account nodig en er is geen gebruikslimiet. Upload de afbeelding, kies het uitvoerformaat en download.
Wil je JPG- en PNG-bestanden lichter maken zonder van formaat te wisselen, dan comprimeert Comprimeren slim en met behoud van beeldkwaliteit: ideaal voordat je afbeeldingen op je site zet of per e-mail verstuurt.
Veelgestelde vragen
<picture> automatisch een JPG of PNG aan als terugvaloptie.